Deze foto van Roef Ankersmit is genomen op 13 november 1963 langs de Buurserstraat.
Deze foto van Roef Ankersmit is genomen op 13 november 1963 langs de Buurserstraat.

Met kunst terugblikken op textielverleden Enschede

  Historie

Enschede - De inwoners van Enschede krijgen op zaterdag 27 oktober een cadeau aangeboden uit handen van de Stichting Historische Sociëteit Enschede-Lonneker. Het gaat om muurschilderingen die herinneren aan de voormalige spoorverbinding Enschede - Ahaus (1903-1975).

De verhalen van de stad levend houden beschouwt de SHSEL als een belangrijke opdracht. De schilderingen in de doorgang in de geluidswal bij de Kokkelmanlanden herinneren aan het voormalige spoortracé. De lijn diende voornamelijk voor de aanvoer van kolen uit het Ruhrgebied voor de Enschedese fabrieken. In Nederland lagen het grensstation Broekheurne (Arendsweg) en het station Enschede-zuid (Zuiderspoorstraat). Kunstenaar Sonna Krom heeft, aansluitend bij de spoorrails in het wegdek, deze spoorverbinding prachtig verbeeld. Iedereen wordt uitgenodigd op 27 oktober om 11.00 uur aanwezig te zijn bij de officiële aanbieding van dit kunstwerk aan de stad in de persoon van wethouder Jeroen Diepemaat. Dit vindt plaats aan de Buurserstraat bij de doorgang Kokkelmanlanden.

Hieronder een gedicht dat Thijs Boelens, partner van Sonna Krom, schreef over het belang van spoorverbindingen voor de ontwikkeling van Enschede tot wat het nu is.

Zuchtige stad

De fabrieken in de stad loeiden dag en nacht. Stoommachines braakten door hoge, haastig opgetrokken pijpen hun zwarte rook naar buiten. De schoorstenen van Enschede, bijeengehouden door ijzeren banden, gaven zo de kolkende maag van de stad verlichting. Dag en nacht werd de stad gevoed. Oneindige hoeveelheden kolen verdwenen binnen hoog opgetrokken muren om de zuchtige stad te voeden. De stad braakte onophoudelijk haar rokende kots over de daken.

De stad brandde gecontroleerd om te overleven. Wagonladingen vol, uit Duitsland, België en Engeland, later zelfs uit Rusland, rolden dag en nacht de stad in. Sporen verschenen, dwars over eeuwenoude grenzen van familiebezit. Zucht maakt gemakzuchtig: sporen werden op losse zanddijken gelegd om hoogteverschillen te overbruggen. De laatste meters legden de zware locs af over het Zuiderspoor. De kolenboeren stonden klaar bij hun loodsen om de stad te verlossen, om die onzichtbare, maar angstaanjagende brullende muil van de stad vol te stouwen.

De boeren aan de rand van de stad zagen de schoorstenen met hun ijzeren banden verschijnen en al snel sneden repen staal door het land. De locomotieven over het Zuiderspoor trokken hun vracht naar de stad, zoals de boer zijn hooi naar de stal. De stad braakte zijn rook, de koeien scheten hun stront. Lakens en linnen, melk en vlees.

De zucht verdween uit de stad. Het Zuiderspoor raakte overgroeid. De afgebeulde arbeiders waren verlost van de brullende stad. De drooggelegde drinker dringt zich op: heimwee naar de hel. Repen staal werden van het land getrokken. De aderen van de stad, die de dagelijkse dosis de stad injoegen, stierven af. Tractoren rijden nu de stallen in en uit. Eeuwenoude familiegrenzen zijn rechtgetrokken, eeuwenoude boerderijen gesloopt. De koeien zijn weg, de locomotieven verdwenen. Stroinkslanden werd kindvriendelijk woonerf. Maar twee reusachtige beuken staan er nog. Vlakbij het Zuiderspoor. Als het stil is en de wind door de beuken ruist, hoor je het geluid van de remmende locs, bijna op bestemming. Het vee graast rustig, allang niet meer bang voor het knerpende staal.

Meer berichten