Foto:

Klazienaveen

U zult het wel gehoord of gelezen hebben, oma is overleden. Enkele weken geleden hebben we haar teruggebracht naar de plek waar ze 96 jaar geleden geboren werd; Klazienaveen. Ze is er geboren, ging er naar school, heeft er gewerkt, gewoond, geleefd met Jan en de kinderen en geen haar op haar hoofd die er aan dacht om ergens anders een plekje te zoeken. Klazienaveen was haar dorp en ze kon zich niet voorstellen dat er door haar elders kon worden gewoond.

Mijn schoonvader was gemakkelijker, die verhuisde voor haar, werd gereformeerd in plaats van hervormd en maakte daar niet zo’n punt van. Ik heb hem er nooit echt naar gevraagd. Kerels zijn wat dat betreft gemakkelijker, geloof ik. Toen ik mijzelf afvroeg, of ik in Klazienaveen zou willen wonen, schrok ik en antwoordde dadelijk afwijzend. Maar waarom eigenlijk? Vanwege het sociale netwerk denk ik; familie, vrienden en kennissen. Met als hoogtepunt onze eerste kleinkind, die in Enschede woont. Het is een wonder, hoeveel emoties zo’n jochie bij je losmaakt. 

‘En datzelfde gold natuurlijk ook voor haar’

Zijn ouders (onze jongste dochter en schoonzoon) hadden gevraagd of ze de kleine mee mochten nemen naar de begrafenis, hetgeen uiteraard werd toegestaan. Het gevolg was wel dat de dominee continu vanuit de zaal van commentaar werd voorzien. Hij gaf geen kik, de dominee bedoel ik en de kleine lag te babbelen in zijn Maxi-cosy en at ondertussen een banaantje.

Wat opviel in het dorp was de concentratie van de winkels, met onder meer bakkerij Ten Napel, het ouderlijk huis van Evert (de sportverslaggever) en van de voorouders van Carrie. Een dissonant is het gigantische flatgebouw in het centrum. Het gebouw heeft de vorm van een schip, vanwege de geschiedenis van het gebied; vervoer over het water was van levensbelang voor de aanvoer van bijvoorbeeld bouwmateriaal en voor de afvoer van veen en turf.
Het water was vroeger, wat asfalt voor ons is; onontbeerlijk voor de economische ontwikkeling van een gebied.
Maar het kolossale schip snijdt het dorp doormidden. Het lijkt op een gestrand cruiseschip.

Het was in Zuidoost-Drenthe natuurlijk hard werken zo’n honderd jaar geleden tegen weinig loon met voor sommigen pure armoede. Sommigen wisten zich daaraan te ontworstelen, zoals mijn schoonvader. Hij studeerde en begon een assurantiekantoor en had samen met mijn schoonmoeder een goed leven. Nu liggen ze naast elkaar op de Algemene Begraafplaats van Klazienaveen. 

Ik weet niet of er een hemel is. Ik hoop dat ik ongelijk heb en er een hiernamaals bestaat. Ook al is het maar een kleintje. Eentje alleen voor deze twee.

Jan Visser

Column Jan Visser

Meer berichten