Poëzie uit een boek of poetryslam op de bühne?

Je komt het buiten overal tegen. Op stoeptegels, op wanden, muren en bankjes in het park: gedichten. Vasalis, Slauerhoff. Wie kent hun gedichten niet. Hier kan gerust een vraagteken achter geplaatst worden, want veel mensen kennen de gedichten van Neerlands groten echt niet. Wel dat gedicht op de brug in hun eigen dorp. Een grappig contrast waardoor je zou denken dat dichten niet meer van nu is. Het tegendeel blijkt echter waar. Drie jaar geleden nog deed Kila van Starre een promotieonderzoek naar de Poëzie in Nederland en dat mondde uit in een onderzoeksrapport dat erop wijst dat 97 procent van de Nederlanders in aanraking komt met poëzie.

Dat dichten niet meer van nu zou zijn, heeft louter te maken met de verkoop van boeken die vol staan met dichtregels. Daar loopt het nu niet direct storm voor. Had de kantoorbediende vroeger nog wel eens een dichtbundeltje in zijn Castelijn en Beerens aktetas, waar hij regelmatig uit voorlas, tegenwoordig tref je maar weinig mensen die überhaupt een dichtbundel bezitten.

De broer van Roos scoort onder jongeren

Toch tref je menig jongere die deelneemt aan poetryslams en lopen veel jonge mensen weg met de boekjes van Tim Hofman die hij uitbracht onder zijn pseudoniem ‘de broer van Roos’. Als zo iemand aan het dichten slaat, zou dat best jongeren aan kunnen zetten tot de liefde voor het dichtersvak. De boekjes van Tim slaan in ieder geval aan.

Met recht zeggen we hier boekjes, want dikke dichtbundels lopen nooit hard. Te veel van het goede misschien. Kleine dichtbundels doen het beter. En er moeten er heel wat zijn, want Nederland kent een scala aan dichtwedstrijden en de nominaties vliegen je regelmatig om de oren. Maar nogmaals: wie leest deze boeken?

Geen boekenlezers, maar vooral voorbijgangers, zo lijkt het. Van der Starre creëerde een website waarop ze ons attendeert op plekken in ons land waar gedichten in openbare ruimten te zien zijn. Nu nog lezen.

Met dichten kunnen we onze gevoelens uitdrukken

En toch… blijken we wel gedichten in te zetten bij belangrijke gebeurtenissen zoals een geboorte of een sterven. Een mijlpaal in ons leven waarbij we onze gevoelens zo goed mogelijk uit willen drukken. Dan wel.

Van der Starre: “Ik denk dat poëzie, zoals dit ook wel op school gegeven wordt, te veel over regels gaat. Dat schrikt jongeren af. Als je ze eerst langs een bepaalde lat legt, dan dood je de creativiteit.” Geen jongere dus die een dichtbundel in zijn of haar laptop rugzak meedraagt. En verder: “Het leek aan het einde van de negentiende eeuw alsof er een verschuiving was van luisteren naar lezen. Individueel met een boekje in een hoekje. Maar dat heeft zich niet doorgezet, poetryslam en spoken word zijn heel populair. De meeste mensen ervaren poëzie toch mondeling en collectief. Poëzie ontsnapt uit het boek.”

Nacht van de poëzie

Is er dan toch nog hoop voor het dichten? We hebben in ieder geval altijd de bekende ‘Nacht van de poëzie’. Ook populair onder jongeren trouwens, die hier gretig en dan wel met een laptoptas 17 inch op af komen. Soms om hun eigen gedicht niet uit een boek maar vanaf de laptop voor te lezen. Of de smartphone. Dan komen er alle mogelijke gedichten voorbij. Van traditioneel tot modern, van kort tot lang en van krachtig tot heel fijntjes. En dan is er nog de dichter des vaderlands, tot en met 2021 Tsead Bruinja. Hij schrijft gedichten bij nationale gebeurtenissen en treedt op als ambassadeur van de poëzie.

(Dit artikel valt buiten de redactionele inhoud van DWF Media)

Meer berichten