MST is blij met vuurwerkvrije zone
AlgemeenMinder geluidsoverlast voor de deur en minder slachtoffers van vuurwerk. Dat verwacht Lars Wormgoor, de woordvoerder van het Medisch Spectrum Twente, van de invoering dit jaar van de vuurwerkvrije zone.
Enschede - Als medewerker van het MST weet Wormgoor hoe binnen het ziekenhuis tegen het fenomeen vuurwerk wordt aangekeken. “Alle chirurgen en dokters hebben een gezonde hekel aan vuurwerk. Bij de spoedeisende hulp zien we ieder jaar slachtoffers van vuurwerk binnenkomen. En het is zo onnodig. We zijn zonder meer blij met het instellen van een vuurwerkvrije zone rond het ziekenhuis. Eigenlijk om twee redenen. De eerste is dat we geen geluidsoverlast meer voor de deur hebben, in ieder geval minder overlast. Dat is in het belang van de patiënten die er liggen. De tweede reden is dat er minder slachtoffer gaan vallen. Daar hopen we in ieder geval op. Hoe minder vuurwerk er wordt afgeschoten, hoe minder ongevallen, is de gedachte.’’
Precieze cijfers heeft Wormgoor niet bij de hand, maar jaarlijks loopt het aantal vuurwerkslachtoffers dat zich bij het MST meldt in de tientallen, zegt hij. “En er zitten ernstige verwondingen tussen. Veel oogletsel, maar ook hand- en brandwonden. Vuurwerk afsteken kan best verantwoord, maar sommige mensen hebben veel te zwaar vuurwerk dat ze afsteken. Het zijn echte explosieven. Als er dan iets fout gaat dan zijn de gevolgen enorm.’’
Het schieten van carbid levert ook extra gevaar op, weten ze bij het MST. “Bij carbid schieten heb je het echt over explosies met een militaire kracht’’, zegt Wormgoor. “Dat is gewoon levensgevaarlijk.’’ De kleine babypijltjes die vaak vanuit de hand worden afgestoken, lijken misschien onschuldig, maar zijn dat niet. “Vaak gaan ze op elkaar schieten. Het veroorzaakt veel oogletsel.’’
Siervuurwerk is schadelijker voor de ogen dan het knalvuurwerk op de grond, meldt de woordvoerder van MST. Het komt door de grotere hoeveelheid chemische stoffen in dat vuurwerk. Maar de kans dat die stoffen dan weer in de ogen komen is kleiner dan bij het ontploffen van knalvuurwerk op de grond. Bij de vorige jaarwisseling zijn er bij de 90 spoedeisende afdelingen in het land 473 vuurwerkslachtoffers geteld. Vijftien procent moest worden opgenomen. Eén op de vier had oogletsel. Bij een kwart was er sprake van illegaal vuurwerk. Zes op de tien liep letsel op door knalvuurwerk.
Zelf steekt Wormgoor elk jaar één vuurpijl af. “Ik koop altijd vijf vuurpijlen voor thuis en dan steken mijn vrouw en ik en de drie kinderen allemaal één vuurpijl af. Dat doen we altijd vanuit een kokertje en met een veiligheidsbril op.“










